|
POCAHONTAS
Een
Disney-sprookje vol optimisme.
Zolang de mensen
niet met een échte Indiaan in spijkerbroek geconfronteerd worden,
mogen ze zich graag over hun cultuur en harmonieus geachte
levenswijze buigen. Pocahontas is daar een voorbeeld van. De
Disney-film past volledig in de huidige westerse mentaliteit en zegt
veel over de manier waarop blanken thema's als kolonialisme en
inheemse volken beschouwen. Het verhaal van de film en de sterk
afwijkende historische feiten mogen bekend zijn. Deze recensie
bekommert zich meer om de ideologische boodschap van de film.
Wat leren wij als wij naar Pocahontas kijken? Allereerst: wij
blanken en onze ''beschaving'' deugen niet. Het openingslied
maakt al duidelijk dat de Engelse Virgina Company alleen uitvaart om
goud te zoeken en land in te nemen. Het hoofd van de expeditie,
de gemene Ratcliffe, wil dat goud vervolgens zelf inpikken om terug
aan het hof de concurrerende edelen de baas te kunnen zijn. De
'gewone man' wordt uitgebuit en misbruikt. Eenmaal in de Nieuwe
Wereld beginnen de blanken met grof geweld bomen om te hakken en
gaten te graven, terwijl Ratcliffe nog eens decadent een
kippenboutje nuttigt. De karikaturale manier waarop de
personages getekend zijn, versterkt de boodschap nog meer: onze
westerse 'beschaving' wordt gekenmerkt door uitbuiting, ongelijkheid
en vernietigend kapitalisme. Dat er toch nog hoop is komt door
John Smith, de Held. Hij ziet er uit als een blonde edelgermaan
en doet stoer, maar als puntje bij paaltje komt, staat hij open voor
nieuwe ideeën. Hij belichaamt de blanke, die vol goede
bedoelingen Indianen wil beschaven. Breder gezien is hij ook het
voorbeeld van de moderne man: sterk zonder macho te worden, zacht
zonder een softie te zijn. Niet besmet door de hebzuchtigheid
van de rest, laat hij zich al snel door Pocahontas overtuigen dat de
Indianen niet beschaafd hoeven te worden; ze zijn anders dan de
blanken maar zeker niet minder. Vanaf dat moment staat Smith aan
haar kant. En geef hem eens ongelijk. De Indianen verschijnen in
beeld als kerngezonde atletische supermensen die vol respect en
eerbied voor de natuur hun eigen goud uit de grond halen: maïs.
De kinderen spelen zoet, de vrouwen zijn mooi en verstandig, de
mannen sterk en nobel en de oude mensen genezen de gewonden en
roepen visioenen op met special effects. Dit alles in een
paradijselijke omgeving, waaraan alleen de Bounty nog ontbreekt.
Pocahontas verenigt alle ideaalbeelden in zich. Meer nog:
zij is verstandiger dan de rest en ook de eerste die in de persoon
van Smith kennis maakt met de blanken en begrip voor hen
krijgt. Zo ontstaat er een tweedeling: de Indianen zijn goed en
de blanken slecht, met Pocahontas en Smith als uitzonderingen.
Zij zien toe, hoe er door wederzijds onbegrip een gewapend
conflict dreigt te ontstaan. Beide partijen laten zich ophitsen,
maar de Indianen meer dan de blanken. De Engelsen begaan de
eerste moord op een Indiaan. John Smith krijgt de schuld en
wordt gevangen genomen door de Indianen. Het is aan Pocahontas
de situatie te redden. Dat doet zij, zoals het een vrouw
betaamt: door een beroep te doen op de liefde, de verzoening en
begrip voor elkaar. Iedereen laat snotterend de wapens zakken -
kon de oorlog maar zo opgelost worden! Alleen de valse
Ratcliffe doet nog een laffe poging om Pocahontas vader, de leider,
om het leven te brengen. Zoiets kun je verwachten van een
verziekte kapitalist! Maar de man krijgt zijn verdiende loon:
zijn uitgebuite ondergeschikten komen in opstand en nemen de macht
over. Dit en de heldhaftige opofferingsgezindheid van Smith, die
de kogel bestemd voor Pocahontas' vader opvangt, toont aan dat er
zelfs voor de westerlingen nog hoop is. Zolang we maar een
voorbeeld nemen aan de Indianen komt het wel goed. Zo ontstaat er
een optimistisch sprookje vol politiek correcte boodschappen. De
Indianen worden gerespecteerd, het kolonialisme afgekeurd, het
ecologisch holisme aangestipt en de westerse cultuur bekritiseerd
zonder haar volledig af te schrijven. Zo kan aan het einde
iedereen ontroerd en tevreden naar huis.
Terug
|